Geschiedenis
|
||
|
|
|
|
![]() ![]() |
De viool De precieze geschiedenis van de viool is niet echt bekend, maar aangenomen kan worden dat de viool ongeveer stamt uit 1550. Omstreeks het begin van de 17e eeuw werd de viool ook als zelfstandig instrument van belang, want toen werd het opgenomen in de standaardbezetting van de Italiaanse opera-orkesten. Een nog sterker accent kreeg de viool als orkestinstrument toen in 1626 Louis XIII aan zijn hof een orkest formeerde, dat bekend stond onder de naam Les vingt-quatre violons du Roy en later in die eeuw onder leiding van Lully beroemd werd. In het begin had de viool een doffe, bescheiden toon, als gevolg van het feit dat de snaren dik waren en zeer los aan de klankkast vast zaten. In de 18e en 19e eeuw werden belangrijke technische veranderingen aangebracht, onder invloed van virtuoze componisten als Tartini en Vivaldi. Hun concerten en solosonates vroegen om een vollere, helderder en meer briljante toon. Dit werd o.a. verkregen door het gebruik van dunnere snaren) en een veel grotere spanning van de snaar om briljante passagewerk mogelijk te maken. Ook het binnenwerk van de klankkast en de toets moesten iets worden veranderd om deze grotere spanning te kunnen verdragen. |
|
|
erhu & kamanche
|
||
![]() |
Daardoor werd een hoger niveau bereikt, zowel in de wijze van spelen als in de vertolking. De techniek van de linkerhand werd veel uitgebreider, waarbij er nieuwe vingerzettingen werden uitgedacht voor de zeer hoge tonen. In het begin van de 18e eeuw werd het toen gebruikelijk om de viool onder de kin te houden. Voordien werd het instrument tegen de borstkas of het sleutelbeen geplaatst. Later in die eeuw werd de strijkstok verbeterd, deze werd langer, breder en sterker. Zo werd het eenvoudiger om een vloeiende streek te maken, wat bij zangerige muziek zoals bijv. Mozart en Haydn onontbeerlijk was. De definitieve vorm van de huidige viool ontstond aan het einde van de 18e eeuw. Niccolò Paganini zorgde in de 19e eeuw met zijn uitzonderlijke talent voor een hoogtepunt in virtuoos vioolspel. Paganini was daarnaast ook componist en hij schreef technisch moeilijke en briljante werken, die voor de hedendaagse violist nog steeds een uitdaging en inspiratie zijn. |
|
|
rebab andaluze
|
|
|
![]() |
Altviool |
|
|
sarangi
|
|
|
![]() |
Cello |
|
|
rebec
|
|
|
![]() |
Contrabas |
|
|
haranger fiddle
|
||
is een initiatief van Stichting Muziek Promotie Nederland tips | contact | adverteren | bronnen | algemene voorwaarden |
||